Deze bijnaam was in 1874 de reden voor een grote vechtpartij tussen Meppelers en Kampenaren op de Stationsweg.
De Meppelers waren toen zó beledigd dat ze muggenspuiters genoemd werden!
Gek genoeg, noemen de Meppelers zichzelf nu wel graag 'Meppeler muggen'.
Er staat zelfs een standbeeld van de muggen bij de Grote Kerk.
Het verhaal van de Meppeler muggen heeft meerdere kunstenaars geïnspireerd.
- Gedicht => Roel Reijntjes, De Möppeler Muggen (1965)
- Prent => Jo Alting, Meppeler Muggen
- Beeld => Aart van den IJssel, Meppeler Muggen (1971)
- Theatervoorstelling => Dok2a, En Toen en Terug (Stadskwartier, 2016)
- Lied => Wilfred Vermeulen, Muggenlied (2017)
De andere bijnaam van de Meppelers heeft te maken met een activiteit.
Meppel was vroeger een handelsstad. Boeren uit de verre omtrek, zoals Steenwijk, Nijeveen, Staphorst en De Wijk, kwamen er hun producten verkopen op de markten. Vanaf eind 17e eeuw was één van die markten, de botermarkt. Tot de komst van zuivelfabrieken - meer dan een eeuw geleden - was in Meppel de grootste botermarkt van Drenthe. In 1870 werd er bijvoorbeeld meer dan 1,5 miljoen kilo boter verkocht per jaar! Naar de stukken boter die er verkocht werden, werden de Meppelers wel 'kluiten' genoemd of - in dialect - 'een Meppeler kloet'. Een 'kluit' is een stuk boter met een gewicht van 1 1/2 oude ponden (ca. 490 gram).
Ook mensen geven elkaar bijnamen. Vroeger kregen hele families en bewoners van dorpen en steden ook bijnamen. Plagerige bijnamen, goedlachse bijnamen, maar soms ook lelijke bijnamen, bedoeld om iemand uit te schelden. Vroeger werd een bijnaam zo vaak gebruikt dat de echte naam verdween. Vroeg je naar Jan Pieters of Piet Jansen wist niemand wie je bedoelde, maar Piet- de-Neus wist iedereen wie dat was. Dat komt omdat er vroeger vernoemingsregels waren: de zoon van Piet, heette Pieterszoon of afgekort Pieters. In 1811 werd het verplicht in Nederland een achternaam te gebruiken. Iedereen moest er eentje kiezen. Maar daarvóór bestonden er geen achternamen.
- De stadsomroeper van Meppel woonde in een kelderwoning op de Putstoel. Bijnaam: Keldermoes
- De koopman Roelof Houwink fokte als hobby kippen. Bijnaam: Kippenhouwink.
- Het ene been van Dokter Jules Leijdesdorf was langer dan het andere door een ziekte. Daardoor liep hij mank. Bijnaam: Het Poottien.
- Gerrit Kijk de Vegt was vroeger de beste voetballer van Meppel. Bijnaam: De Kiekert.